natuurlijke sex pjes nl

Terwijl ze om de beurt geneukt worden beffen ze elkaar. Terwijl de bisex vrouwen om de beurt door de stijve lul geneukt worden beffen ze elkaars kale kut en pijpen hem. Ze vingert anal word anal gelikt en anal geneukt. Ze vingert anal, word anal gelikt de anus word ingesmeerd met olie en vervolgens hard anal geneukt tot hij klaar komt en sperma in haar mond spuit.

Het oudere stel betrapt de oppas tijdens het masturberen waarna ze een trio sex hebben. Het oudere stel betrapt de oppas tijdens het masturberen, waarna ze een trio sex hebben ze pijpen de stijve lul beffen en worden geneukt tot hij klaar komt. Op haar verjaardag heeft ze een trio sex. Op haar verjaardag heeft ze een trio sex met de barman en haar bisex vriendin, ze worden gevingerd gebeft pijpen en worden geneukt tot hij klaar komt. Op kantoor beft hij de kale kut laat zich pijpen en neukt haar.

Op kantoor beft hij de kale kut van de secretaresse, laat hij zijn stijve lul pijpen neukt haar en spuit als hij klaar komt de sperma in haar gezicht. In deze partnerruil spuiten de mannen de gezichten de vrouwen vol sperma.

In deze partnerruil pijpen de vrouwen de stijve lullen van de mannen worden ze geneukt en krijgen hun gezicht vol sperma. De spaanse geile werkster pijpt zijn stijve lul en laat haar tieten neuken.

Zijn stijve lul word gepijpt door de geile spaanse werkster en neukt haar grote borsten waarna ze hem aftrekt tot hij klaar komt op haar mond. Met de parelsnoer in de kale kut masturbeert ze. Met de parelsnoer in de kale kut masturbeert de blondine tot ze een orgasme krijgt.

Geil kijkend in de camera pijpt ze de stijve lul zuigt ze zijn kale ballen en trekt hem af. Op vakantie haar kut en anus met een condoom om neuken. Op vakantie neukt hij met een condoom om de kale kut en krappe anus van zijn vrouw hard en diep.

De donkere en witte lesbische meiden beffen en vingere elkaars natte kut. De donkere en witte lesbische meiden beffen en vingeren elkaars natte kut tot een orgasme. De anus en vagina van de milf afwisselend neuken. Gepijpt en afgetrokken worden, de anus en vagina afwisselend neuken en haar gezicht vol sperma spuiten. Met alleen nog haar hoge hakken aan word ze hard geneukt. Met alleen haar hoge hakken aan, pijpt ze de stijve lul die haar keel en kut vervolgens hard en diep neukt.

Daarbij zijn ook aspecten als seksuele diversiteit LHBT en discriminatie onderdeel van de schoolbrede aanpak. Waar moet u aan denken bij internet? Leraren spelen een belangrijke rol bij het creëren van een sociaal veilig klimaat.

Zij kunnen grens- overschrijdend gedrag tijdig signaleren en adequaat ingrijpen. Een belangrijk deel van hun persoonlijk leven speelt zich dan ook op sociale media af. Door digitale media vloeien de werelden van thuis, school en vriendschappen naadloos in elkaar over. Internet is gemaakt om contact te maken en te onderhouden. Jongeren maken daar graag gebruik van. Ook flirten en verkering vragen, gaat online. Contact via internet versterkt vriendschapsbanden, maar kan ook tot ruzies leiden, met onrust in de klas als gevolg.

Ze toetsen zich aan elkaar Sociale netwerksites zijn een uitstekende manier om on- gegeneerd bij anderen naar binnen te kijken. Voor jongeren is het belangrijk om zichzelf te vergelijken met anderen.

Hoe zien anderen eruit? Wat hebben ze aan? Welke muziek vinden ze goed? Wat zeggen hun voorkeuren over mijn eigen identiteit, hoe verhoud ik me tot hen? Hoe anderen over je denken, kun je beïnvloeden. Jongeren besteden daarom veel aandacht aan hun online profiel. Het gaat om de beste foto, de leukste teksten, het juiste filmpje en de coolste muziek.

Dat ze zelf controle hebben over hoe ze zich presenteren, geeft een zeker gevoel. Privacy is belangrijk voor ze, maar ze hebben niet altijd door dat ze de privacy van anderen schenden. Niets nieuws onder de zon: Je flirt, je stelt vragen die je offline niet durft te vragen. Vaak gaat het goed, maar grensverkennend gaat soms over in grensoverschrijdend gedrag.

Digitale grapjes kunnen totaal verkeerd uitpakken. Wilt u leerlingen en hun gedrag op sociale media begrijpen, lees dan deze feiten. H oe zorgen we ervoor dat leerlingen leren omgaan met conflicten, diversi- teit en pestgedrag? Hoe leren wij hen verantwoordelijkheid te nemen voor zichzelf en hun online leefgemeenschap? Dat kan door hen digitaal burgerschap bij te brengen. Door hen te leren respectvol en verantwoord met zichzelf en elkaar om te gaan op internet en sociale media.

Digitaal burgerschap hangt nauw samen met sociale veiligheid op school. In een veilige school kunnen leerlingen pas echt leren en zich ontwikkelen tot verantwoorde digitale burgers.

Als leerlingen online respectvol en met oog voor anderen met elkaar omgaan, kan de school ook een veilige en prettige omgeving blijven. Maar hoe krijg je dat als school voor elkaar? Omgangsvormen Alleen een beleidsplan, een pestprotocol en een les mediawijsheid is niet genoeg, denkt Joyce Kerstens, onderzoeker aan de NHL Hogeschool en promovenda op het onderwerp jeugd en in- ternetveiligheid.

Want de dynamiek van omgangsvormen is veranderd door internet en sociale media. Kinderen zien online letterlijk niet altijd de gevolgen van hun woorden. Voor de één is het een grap, voor de ander voelt het pijnlijk. Maar dat uitspreken is soms moeilijk en als het via een berichtje gaat, leidt het vaak tot een ruzie in de WhatsApp-groep. Werk maken van digitaal burgerschap Wat leerlingen op hun smartphone of laptop doen, onttrekt zich voor een groot deel aan het zicht van volwassenen. Daarom moeten ze steeds vroeger leren hoe ze verstandig omgaan met internet en sociale media.

School en ouders hebben daarin een rol door een veilige omgeving te creëren, waarin jongeren zich prettig voelen, fouten mogen maken en kunnen experimenteren. Ook op digitaal gebied: Zo kan een docent bijvoorbeeld een WhatsApp- groep oprichten voor leerlingen die vragen hebben over de stof. Die app is dan alleen daarvoor bedoeld en mag dus niet worden gebruikt om te roddelen. Tijdens het gebruik ziet de docent de omgangsnormen van de leerlingen en kan hij desgewenst bijsturen.

Een klas kan ook in overleg met de schoolleiding een Twitteraccount voor de school ope- nen. Bedenk met de klas wat je naar buiten wilt brengen en voor wie? Bespreek de tweets van te voren met elkaar. Is de boodschap duidelijk in tekens? Staan er zaken in die mensen anders kunnen opvatten? In de klas kunnen leerlingen hiermee veilig oefenen, zegt Kerstens. Bijvoorbeeld door hen pest situaties of online ruzies of situaties te laten analyseren. Zonder oordelen, maar met open vragen als: Wat gebeurt hier nu?

Waar reageert hij op? Had hij dat ook anders kunnen oplossen? Angst voor sociale media Leraren zijn soms huiverig, omdat ze denken dat ze te weinig weten van sociale media om kinderen iets te kunnen leren. Of omdat ze het lastig vinden om er voor hen te zijn in moeilijke situatie. Maar om een ruzie tussen kinderen op het schoolplein uit te praten, hoef je er ook niet altijd zelf bij te zijn geweest.

Scholen komen vaak pas in actie na de zoveelste online groepsruzie of als er schok- kende filmpjes zijn verspreid. Het is belangrijk om deze zaken proactief te bespreken. Als leraar kun je een belangrijke rol vervullen door met in leerlingen in gesprek te gaan over wat ze online meemaken. Vooral op de basisschool vinden kinderen het leuk om daarover te vertellen. Door nieuwsberichten te gebruiken om het gesprek op gang te brengen en vooral open vragen te stellen, zoals je die ook zou yo gast, wat doe je.

Het is belangrijk dat je als leraar dan ook jouw mening geeft. Dat geeft leerlingen vertrouwen. Ze voelen dat ze niet de enigen zijn die iets eng of vervelend vinden. Bovendien ervaren ze dat de leraar weet wat er online kan spelen. Leerlingen kunnen samen nadenken over welke afspraken ze willen maken om het voor ieder- een leuk te houden. Dat maakt het makkelijker elkaar aan te spreken als er iets gebeurt op de groepsapp. En wanneer ze er zelf niet uitko- men, vertellen ze het waarschijnlijk ook sneller aan de leraar.

Voortgezet onderwijs Pubers op de middelbare school zijn lastiger te bereiken, omdat de band met leraren losser wordt, ouders wat meer op de achtergrond raken en de dynamiek onderling heftiger is. Ze roddelen meer over elkaar en vallen elkaar harder af. Sociale veiligheid creëren en digitaal burgerschap aanleren betekent ook dat leraren actief laten merken wat online wel en niet kan op school. Eventueel in samenwerking met instanties die kunnen uitleggen dat het straf- baar is om een naaktfoto van een minderjarige te verspreiden.

Bij de praktische uitwerking van sociale veiligheid en digitaal burgerschap is het van belang om als school na te denken over welke waarden en normen je wilt uitdragen, denkt Bianca van Os, adviseur aan de helpdesk van Stichting School Veiligheid. Hoe open is de school over ongewenst gedrag op internet? Wat zijn sancties op dat gedrag en hoe voert de school die uit? Zo iemand kan meedenken over hoe de school het beleid praktisch kan vertalen.

Kies iemand die sociale media leuk vindt. De scheidslijn tussen school en privé wordt steeds onduidelijker, daarom moeten scholen in het voortgezet onderwijs ouders actiever bij school betrekken, vindt Van Os.

Een school schreef dat zij er in de lessen aandacht aan besteedde, maar riep ou- ders op het onderwerp thuis ook bespreekbaar te maken. In de brief werd kort uitgelegd hoe de app werkt en de school gaf een voorbeeld van wat kinderen ermee deden.

Je kunt als school dus actief aan ouders vragen om mee te werken aan de digitale omgangsvormen. Online veiligheid is een gedeelde verantwoor- delijkheid. Alleen door leerlingen actief te laten nadenken over wat zij zelf doen op internet en sociale media, kunnen scholen een veilige omgeving vormen en helpen we leerlingen zelfredzaam en respectvolle digitale burgers te kunnen worden. Digitale hoffelijkheid kan leiden tot digitaal burgerschap. Als je hoffelijk bent, heb je respect, zorg en aandacht voor elkaar en voor andersdenkenden, ben je vriendelijk, attent, beleefd en compli- menteus.

Eigenschappen die nodig zijn in het sociale verkeer tussen mensen. We creëren ruimte voor anderen en werken daardoor prettig samen. Als je hoffelijk bent, wacht je soms even met reage- ren, neem je afstand en bedenk je van tevoren hoe jouw reactie bij de ander kan overkomen. Wat verstaan zij onder hoffelijkheid? Tot welke punten komen zij die ze belangrijk vinden in de omgang met elkaar? Wat gebeurt er als je niet hoffelijk bent? Pubers op de middelbare school zijn lastiger te bereiken, omdat de band met docenten losser wordt, ouders wat meer op de achtergrond raken en de dynamiek onderling heftiger is.

Behandelt anderen online hoffelijk en met respect. Weet zich in anderen in te leven en pest niet. Respecteert online andermans grenzen en eigendommen en vraagt toestemming voor het overnemen van andermans digitale werk. Maakt een afgewogen keuze over hoe hij of zij met anderen communiceert op digitale media. Gebruikt digitale middelen en toepassingen om bij te leren, en houdt dat bij.

Gaat online verstandig met geld en betaalgegevens om, bijvoorbeeld in games. Staat op sociale media achter onze democratische grondrechten, zoals het recht op vrije meningsuiting etc. Heeft oog voor de privacy van zichzelf en van een ander. Deelt dus geen informatie zoals plaatjes die schadelijk kan zijn en durft iemand in digitale nood te helpen. Gaat bij mediagebruik verstandig om met zijn of haar gezondheid. H oe kom je erachter of leerlingen elkaar uitsluiten of iemand belachelijk maken?

Hoe leren we leerlingen dat het ook anders kan? Leraren kunnen dit proces sturen. Dat is van belang om voor leer- lingen een veilige omgeving te creëren. Het hoort bij opvoeden tot goed digitaal burgerschap. Een groot probleem is dat de meeste leraren niet zien wat zich afspeelt op de telefoons van de leerlingen, stelt Justine Pardoen, specialist jeugd en media bij Bureau Jeugd Media.

Maar ze kijken ook niet. Terwijl leerlingen het heel gewoon vinden als docenten wel meekijken. Want niets zien betekent geenszins dat alles in orde is. Veel kinderen zitten door de WhatsApp-groepsdruk dag in, dag uit in een onveilige situatie. WhatsApp-groep Volwassenen die vroeger zijn gepest, vinden het achteraf vaak het ergste dat niemand ingreep, zegt Pardoen. Door niets te doen lieten zij een pestcultuur bestaan.

Mentoren doen er daarom goed aan zelf een WhatsApp-groep aan te maken voor de hele klas. Regelmatig plaatsen ze daar berichtjes in. Dat kan zakelijk zijn, maar hoeft niet. Als het maar de hele klas aangaat. Leraren zien dan beter hoe de communicatie verloopt. Door ter plekke commentaar te geven of iets later in de les te bespreken, kunnen zij op een natuurlijke wijze bijsturen. Maar dat is niet erg. Het effect is dat de leraar laat zien de communicatie van leerlingen serieus te nemen. Zo wordt het makkelijker om hulp te vragen als dat nodig is.

Ook het besef dat er iemand meekijkt kan al een rem zetten op grensoverschrijdend gedrag. Zelfbeeld Sociaal psycholoog Arjan de Wolf vindt uitsluiting ook pesten. Groepsgedrag heeft alles te maken met ons zelfbeeld, legt hij uit. Onze identiteit wordt bepaald door het idee dat we hebben van onszelf als persoon en door de groe- pen waartoe we behoren. We beoordelen onze eigen groep altijd beter dan andere groepen omdat dit positief afstraalt op ons zelfbeeld. Voor pubers zijn groepen nog belangrijker dan voor volwassenen.

Ze zijn vaak onzeker over zichzelf. Doordat hun lichaam en motoriek verandert, halen ze minder bevestiging uit hun persoonlijke zelfbeeld. Groepen waartoe ze be- horen worden dus belangrijker voor een positief zelfbeeld. Leraren moeten zich daarvan bewust zijn, vindt De Wolf. Omstanders Groepsnormen worden vaak bepaald door een klein aantal leerlingen.

De periferie accepteert die normen. Dergelijk groepsgedrag kan uit de hand lopen. Denk maar aan de challenge-spelle- tjes waarbij kinderen zichzelf of elkaar uitdagen De hele klas zit in de WhatsApp-groep, behalve één leerling. Op iedere school komen zulke incidenten voor. Groepsprocessen zijn veranderd door internet en sociale media.

In veel gevallen heeft de leraar geen idee wat er speelt. Het is voor de leraar daarom soms lastig te bepalen hoe hij ermee moeten omgaan. Samen online met gekke opdrachten. Zo deden leerlingen van een basisschool onlangs een wedstrijdje wie het langst deodorant op zijn arm kon spuiten met brandwonden tot gevolg.

Dergelijk groepsgedrag kan ernstige slachtoffers maken. Uit onderzoeken naar het omstanderseffect, waarbij iemand wordt gepest en niemand iets doet, blijkt dat mensen vaak wel iets willen doen maar niet weten wat. Kinderen en tieners den- ken dat ze klikken als ze een leraar op de hoogte stellen of ze zijn bang zelf gepest te worden als ze tegen de groep ingaan. Vertel leerlingen dus dat het erg dapper is om dat wel te doen, zegt Pardoen.

En zorg dat je als leraar ook online bereikbaar bent. Als leerlingen groepsprocessen goed begeleiden, kunnen negatieve gedragsregels worden omge- zet in positieve normen. Dan wordt het stoer om anderen te helpen of om op te komen voor de zwakkeren. Zo kan er een veilige groepscultuur ontstaan waarin leerlingen kunnen leren en tot bloei komen. Zo kan er een veilige groepscultuur ontstaan waarin kinderen kunnen leren en tot bloei komen. Maar in werkelijkheid vergt ingrijpen nogal wat moed.

Met een experiment kun je leerlingen dit laten ervaren. Spreek met één leerling af dat de leraar die leerling in een lesuur flink voor schut zet. De anderen weten niets van deze afspraak. Wie neemt het ter plekke op voor het slachtoffer? Na afloop kun je dit met de klas bespreken. Dat maakt meer indruk dan een opsomming van wat wel en niet mag.

Het is belangrijk om daarover als docent in de klas te praten. Maar hoe doe je dat? Hoe leer je jongeren hun eigen en andermans grenzen te respecteren? Leefwereld van pubers Verdiep je als docent in de leefwereld van pubers, zegt Ineke van der Vlugt, deskundige seksuele ontwikkeling en opvoeding van de jeugd bij Rutgers WPF.

In vrijheid, maar ook onder druk of dwang. Soms is er drank in het spel of zijn jongeren zo verliefd dat ze zwichten voor de ander.

Dat is persoonlijk, normaal en spannend, zegt Jacqueline Kleijer van Pretty Woman, dat voorlichting en hulpverle- ning rond relaties en seksualiteit biedt aan meiden van jaar.

Maar experimenteren hoort bij de identiteitsvorming en bij de seksuele ontwikkeling van jongeren. Grenzen ont- dekken doen jongeren soms door ze te overschrijden. In de klas kunnen jongeren bijvoor- beeld oefenen met het verkennen van hun grenzen. Zo ervaren kinderen hoe je in het echte leven je grenzen aangeeft. Vertaal dit samen met de leerlingen naar online gedrag. Wat zouden die beelden kunnen zeggen over de persoon? Waar ligt voor henzelf de grens en wat is hun mening?

Oefen in verschillende situaties. Vaak gebeurt dat binnen intieme of vertrouwde relaties met wederzijdse instemming. Grenzen stellen Stuur me een foto van jezelf ;- love u Op internet is alles te vinden — én te delen. Zo zijn gruwelijke onthoofdingsfilmpjes massaal gedeeld onder scholieren. Zonder enige context kan het zien van zulke beelden voor leerlingen behoorlijk beangstigend zijn. Maar het is niet zo gemakkelijk om dat toe te geven of te zeggen tegen een docent.

Groepsdruk speelt daarbij een belangrijke rol. Actief bespreken In een sociaal veilige school weten leerlingen wat de school wel en niet tolereert. Dit is vastgelegd in het schoolveilig- heidsplan. De leraar kan actief met de klas bespreken welke beelden kinderen wel of juist niet prettig vinden om naar te kijken.

Hoe voelt het om nare beelden ongevraagd op je telefoon te krijgen? Waarom is het moeilijk daar in een groep iets van te zeggen? Sta je er zelf weleens bij stil hoe jouw teksten of beelden bij anderen overkomen? Ouders en leraren hebben niet altijd invloed op wat kinderen te zien krijgen. Dat maakt het gemakkelijker voor kinderen om elkaar aan te spreken of om naar de leraar te gaan als iemand die grens overschrijdt.

Als ze willen kunnen ze het materiaal overal opzoeken. Daarom is het als docent soms beter om te proberen een context aan dergelijke beelden te geven en met leerlingen te praten over wat er gebeurt. Het kan ook zinvol zijn om een vechtfilmpje dat in het nieuws is geweest en waarin een of enkele scholieren worden gemolesteerd in de klas te laten zien en te bespreken. Dit biedt een kans om te praten over de omstanders en waarom zij niet ingrijpen.

Ook de rol van de filmers is belangrijk. En van iedereen die het filmpje doorstuurt of liket. Maakt het verschil of je het slachtoffer kent? Hoe zou je hem of haar kunnen helpen? Het naspelen van nare situaties waarin niemand ingrijpt, kan leerlingen ook inzicht geven.

Zo leren zij zich in te leven en ervaren ze hoe het is om tegen een groep in te gaan. Tweet dagelijks over onderwijs. Daardoor kunnen we elkaar dus ook geen privéberichten - direct messages - sturen. Ik word ook geen vrienden met leerlingen op Facebook. Want ik wil een zakelijke relatie met mijn leerlingen houden, en ik wil niet zien wat ze eventueel over elkaar of mijn collega's zeggen. Er zijn docenten die het anders doen.

Die tweeten dat ze een toets gaan nakijken, en dat levert reacties op van leerlingen die willen weten wat hun cijfer is. Dat is de vrije keuze van die collega's, ik veroordeel dat niet.

Maar daar zou ik me zelf niet goed bij voelen. Ik zet die cijfers gewoon in de elektronische leeromgeving, dan ziet iedereen ze op hetzelfde moment. En hoef ik er ook geen contact met leerlingen over te hebben via sociale media.

Als je al zo'n contact hebt, als leraar, zou ik adviseren om dat in elk geval open- baar te houden. Als ik zelf op school met een leerling praat, houd ik bij voorkeur de deur van het lokaal open.

Doe dat dan ook digitaal. Wij hebben als school een protocol opgesteld over hoe we op sociale media omgaan met leerlingen. Wat er precies in staat weet ik niet uit mijn hoofd, maar toen ik het destijds las dacht ik: Dus dat zit wel goed. Mag een leerkracht via Twitter een erotische direct message sturen aan een leerling? In deze voorbeelden is het duidelijk wat wel en niet door de beugel kan. Maar tussen deze uiter- sten ligt een enorm grijs gebied.

Mag een leerling een leraar volgen op Twitter? En mag die leraar de leerling dan terugvolgen? En privé-bood- schappen sturen? Is het gepast als een leraar op Facebook vrienden wordt met leerlingen?

En als leerlingen sms-jes en WhatsApp-berichten sturen aan de leraar? Na acht uur 's avonds? Over privéproblemen, die doorspelen in de klas? En daar moet je dus per school afspraken over maken. Organiseer teambijeen- komsten om hier over te praten en samen regels op te stellen. En zo nee, spreken we af om dat voortaan niet te doen? Of benoemen we uitzonderingen waarbij het toch acceptabel zou zijn? En bovendien is het makke- lijker om elkaar aan te spreken als je ziet dat een collega iets doet dat niet in de afspraken staat.

Want op sociale media kom je, zeker 's avonds thuis, snel tot persoonlijk contact. Daardoor wordt de drempel voor leerlingen lager om ook privéproblemen aan de orde te stellen. Maar wil je als leraar in je weekeinde wel een maatschappelijk werker zijn? En wil je als school wel dat je leraren die rol innemen? Stel jezelf de vraag met welk doel je sociale media inzet. Daar zijn ze meester Bart, die vragen beantwoordt over lesstof.

En niet Bart de Vries die zijn vakantiefoto's laat zien. En ook leerkrachten die nieuw binnenkomen zouden het protocol moeten on- dertekenen, zodat iedereen op de hoogte blijft van de afspraken.

Dergelijke afspraken geven ook duidelijkheid aan de ouders. En kun je uitleggen waarom dat zo is afgesproken. En je kunt ook meteen ingrijpen als de docent hier- mee tegen de regels handelt.

Want er gaat nog genoeg mis op sociale media, tussen leraren en leerlingen. Met een gezamenlijke visie voorkom Mogen leerlingen en leraren contact hebben via sociale media? Bij wie wordt dat bijvoorbeeld gemeld? Overigens heeft de medezeg- genschapsraad een instemmings- recht bij het vaststellen van een gedragscode of protocol. Dat is een goede aanleiding om binnen de MR aandacht te besteden aan sociale veiligheid en sociale media op uw school.

Het gaat hierbij om een opzettelijke intentie van de dader s om het slachtoffer te schaden, voor gek te zetten enzovoort. Cyberpesten staat niet als zodanig in het strafrecht, maar het kan wel geschaard worden onder belediging, smaad of laster, discriminatie, bedreiging, stalking of identi- teitsfraude.

En dat is allemaal wel strafbaar. Wel kun- nen zij als het echt uit de hand is gelopen verplicht begeleid worden door Bureau Jeugdzorg. Jongeren tussen de 12 en 18 jaar die een strafbaar feit plegen, kunnen worden gestraft volgens het jeugdstrafrecht.

Maar vóór alles is het zaak om dit als school zoveel mogelijk te voorkomen. Het is natuurlijk niet de bedoeling om elke leerling of leraar die zich online mis- draagt ogenblikkelijk naar de gevangenis te sturen.

Wel kan de school met enige juri- dische kennis beter bepalen wat wel of niet toelaatbaar is en zo een concreet beleid opstellen. En bij signalen van online misdragingen een betere inschatting maken van de ernst van de situatie. Wat zijn de juridische kaders? In het geval van smaad of laster moet dit dan wel publiekelijk gebeuren.

Als het plaatsvindt door middel van een privé-bericht is daarvan geen sprake, omdat alleen de ontvanger dat leest. Er is sprake van cyberstal- king als het slachtoffer voortdurend wordt lastiggevallen via internet. De dader stuurt dan bijvoorbeeld telkens vervelende mails of weet iedere keer weer het nieuwe socialemedia- account van het slachtoffer te achterhalen en valt hem daar lastig.

De straf op stalking varieert van een taakstraf tot een gevangenis- straf van maximaal 3 jaar. Dit heeft de laatste jaren veel in de belangstelling gestaan onder meer door de zaak-Freek, zie www. Iemand die nu een nepprofiel aanmaakt en de identiteit van iemand anders aanneemt, is alleen daarvoor al strafbaar.

Dus onafhanke- lijk van wat hij dan verder met dat account doet. In het ergste geval kan de dader hiervoor vijf jaar cel krijgen. Er zijn ook in Nederland echter wel grenzen aan die vrijheid. Bijvoorbeeld in het geval van dreigtweets. Dat kan leiden tot een aanteke- ning op zijn strafblad en twee jaar gevange- nisstraf of een hoge geldboete. Maar ook als leerlingen óf medewerkers nare berichten over de school verspreiden mag de school natuurlijk ingrijpen.

Het komt immers de sociale veiligheid op de school niet ten goede. Het gaat dan om zware dreigementen om het slachtoffer iets aan te doen, wat door het slachtoffer serieus wordt opgevat. De hoogte van de straf is afhankelijk van de ernst van de situatie. De maximumstraf is twee jaar gevangenisstraf of een geldboete van maximaal Het kan misbruikt worden door pedofielen of door cyberpesters.

Voor- zichtigheid is dus geboden. Jongeren van 16 jaar of ouder moeten zelf toestemming geven of weigeren. Maar ook al hebben ouders of jongeren ingestemd, dan nog moet de school re- kening houden met het portretrecht.

Hiermee kan de geportretteerde bezwaar maken tegen publicatie als hij vindt dat zijn privacy daardoor wordt geschon- den, of dat de foto hem belachelijk maakt of zo kan worden gezien. Inbreuk op het portretrecht is een overtreding en kan worden bestraft met een geldboete van maximaal Los hiervan heeft de school de verplichting om de privacy van haar leerlingen online te beschermen, bijvoorbeeld om de gegevens af te schermen van onbe- voegden en zoekmachines.

De dader kan een geldboete of zes maanden cel krijgen. Als een minderjarige leerling in een seksuele context op beeld wordt vastgelegd, is de maker van de foto of het filmpje in principe voor de wet strafbaar voor het produceren van kinderporno.

Ook als het is gemaakt door de jongere zelf. In de praktijk echter zal de rechtspraak rekening houden met pubergedrag en terughoudend zijn om jongeren voor een zedendelict te veroordelen.

Worden de seksueel getinte beelden of berichten vrijwillig tussen twee jongeren uitgewisseld, dan is er natuurlijk niets aan de hand. Wél als ze daarna worden doorgestuurd naar anderen, worden gebruikt om te pesten of om iemand te chanteren. Tussen leerkrachten en leerlingen Sexting tussen onderwijzend personeel en leerlingen is uiteraard uit den boze. Vaak begint het met onschuldige berichtjes, die uiteindelijk leiden tot seksueel contact. Bespreek dus met het team wat professioneel online gedrag is en waar de grens ligt, ook met betrekking tot de socialemediaprofielen.

Zorg dat deze grenzen bij het personeel bekend zijn, en dat de afspraken daarover worden vastgelegd. Bijvoorbeeld in een privacy-protocol of gedragscode. Het is computervrede- breuk. Het kan leiden tot een geldboete van maximaal Hacken kan op diverse wijzen plaatsvinden.

Naast het inbreken in iemands computer, kunnen ook aanpassingen aan het computer- systeem hieronder vallen. Mogelijk hacken leerlingen als hobby en willen ze kijken hoe ver ze kunnen komen. Of ze willen laten zien dat het met de beveiliging van het systeem slecht is gesteld. Hacken hoeft dus niet per definitie met een slechte intentie of gevolg te zijn.

Het raden, achterhalen en vervolgens gebrui- ken van wachtwoorden is dan wel strafbaar, maar wordt de leerlingen soms ook wel erg makkelijk gemaakt. Het is dus belangrijk dat de school zelf hier voorzichtig mee omgaat. Het kan daarbij zelfs gaan om gevoelige informatie, zoals medische gegevens. De zorg voor die data is toevertrouwd aan uw school. De leerlingen, hun ouders en medewerkers vertrouwen erop dat uw school zorgvuldig met hun persoonsgegevens omgaat.

Uw school heeft een verantwoordelijkheid in het bewaken van hun privacy. Deze tips van Kennisnet-jurist Job Vos helpen u daarbij. U bepaalt welke gegevens er van en over leerlingen en medewerkers worden vastgelegd in de verschillende adminis- tratie systemen. Er niet meer gegevens worden vastge- legd dan strikt noodzakelijk is. Informa- tie die niet gebruikt wordt op school, levert alleen maar een extra risico op in geval van bijvoorbeeld een datalek.

Gegevens in de schoolomgeving blijven: De toegang tot administratiesystemen beperkt wordt tot alleen die personen en medewerkers die functioneel toe- gang moeten hebben tot de persoons- gegevens. De opgeslagen persoonsgegevens beveiligd zijn tegen verlies, beschadi- ging of onbevoegde toegang. Maar ook over de grens tussen werk en privé. Zorg dat deze gedrags- code wordt besproken en vastgesteld door de medezeggenschapsraad MR. Wees zorgvuldig en laat u niet weerhouden door de angst voor privacy-schending.

Wat op het schoolplein gebeurt, gaat tenslotte op sociale media verder. U moet specifieke toestemming vragen. Reageer openbaar en neem eventueel contact op voor een persoonlijk gesprek. Leg uit waarom het belangrijk is dat kinderen daarin worden onderwezen, benadruk de grote aantrekkingskracht van media op kinderen en daarmee de kansen voor het onderwijs, en leg uit wat uw school doet om de privacy van leerlingen te waarborgen. Wat is leuk en wat is niet meer leuk? Waar ligt de grens? Hoe houdt iedereen re- kening met elkaars privésfeer?

Besteed door alle lessen heen aandacht aan mediawijsheid. Privacy-tips voor scholen Bij sociale veiligheid is ook privacy een belangrijk aandachtspunt. Uw school heeft een verantwoordelijkheid in het bewaken van de privacy van leerlingen en medewerkers. Deze tips helpen om de privacy te waarborgen. Afhankelijk van de ernst van de situatie:

.

Meisjes die beffen geile kut likken



natuurlijke sex pjes nl

Terwijl ze om de beurt geneukt worden beffen ze elkaar. Terwijl de bisex vrouwen om de beurt door de stijve lul geneukt worden beffen ze elkaars kale kut en pijpen hem. Ze vingert anal word anal gelikt en anal geneukt. Ze vingert anal, word anal gelikt de anus word ingesmeerd met olie en vervolgens hard anal geneukt tot hij klaar komt en sperma in haar mond spuit. Het oudere stel betrapt de oppas tijdens het masturberen waarna ze een trio sex hebben.

Het oudere stel betrapt de oppas tijdens het masturberen, waarna ze een trio sex hebben ze pijpen de stijve lul beffen en worden geneukt tot hij klaar komt.

Op haar verjaardag heeft ze een trio sex. Op haar verjaardag heeft ze een trio sex met de barman en haar bisex vriendin, ze worden gevingerd gebeft pijpen en worden geneukt tot hij klaar komt. Op kantoor beft hij de kale kut laat zich pijpen en neukt haar. Op kantoor beft hij de kale kut van de secretaresse, laat hij zijn stijve lul pijpen neukt haar en spuit als hij klaar komt de sperma in haar gezicht.

In deze partnerruil spuiten de mannen de gezichten de vrouwen vol sperma. In deze partnerruil pijpen de vrouwen de stijve lullen van de mannen worden ze geneukt en krijgen hun gezicht vol sperma. De spaanse geile werkster pijpt zijn stijve lul en laat haar tieten neuken. Zijn stijve lul word gepijpt door de geile spaanse werkster en neukt haar grote borsten waarna ze hem aftrekt tot hij klaar komt op haar mond. Met de parelsnoer in de kale kut masturbeert ze.

Met de parelsnoer in de kale kut masturbeert de blondine tot ze een orgasme krijgt. Geil kijkend in de camera pijpt ze de stijve lul zuigt ze zijn kale ballen en trekt hem af. Op vakantie haar kut en anus met een condoom om neuken. Op vakantie neukt hij met een condoom om de kale kut en krappe anus van zijn vrouw hard en diep. De donkere en witte lesbische meiden beffen en vingere elkaars natte kut.

De donkere en witte lesbische meiden beffen en vingeren elkaars natte kut tot een orgasme. De anus en vagina van de milf afwisselend neuken. Gepijpt en afgetrokken worden, de anus en vagina afwisselend neuken en haar gezicht vol sperma spuiten.

Met alleen nog haar hoge hakken aan word ze hard geneukt. Met alleen haar hoge hakken aan, pijpt ze de stijve lul die haar keel en kut vervolgens hard en diep neukt. Daarbij zijn ook aspecten als seksuele diversiteit LHBT en discriminatie onderdeel van de schoolbrede aanpak. Waar moet u aan denken bij internet? Leraren spelen een belangrijke rol bij het creëren van een sociaal veilig klimaat.

Zij kunnen grens- overschrijdend gedrag tijdig signaleren en adequaat ingrijpen. Een belangrijk deel van hun persoonlijk leven speelt zich dan ook op sociale media af.

Door digitale media vloeien de werelden van thuis, school en vriendschappen naadloos in elkaar over. Internet is gemaakt om contact te maken en te onderhouden. Jongeren maken daar graag gebruik van. Ook flirten en verkering vragen, gaat online. Contact via internet versterkt vriendschapsbanden, maar kan ook tot ruzies leiden, met onrust in de klas als gevolg. Ze toetsen zich aan elkaar Sociale netwerksites zijn een uitstekende manier om on- gegeneerd bij anderen naar binnen te kijken.

Voor jongeren is het belangrijk om zichzelf te vergelijken met anderen. Hoe zien anderen eruit? Wat hebben ze aan? Welke muziek vinden ze goed? Wat zeggen hun voorkeuren over mijn eigen identiteit, hoe verhoud ik me tot hen? Hoe anderen over je denken, kun je beïnvloeden. Jongeren besteden daarom veel aandacht aan hun online profiel. Het gaat om de beste foto, de leukste teksten, het juiste filmpje en de coolste muziek.

Dat ze zelf controle hebben over hoe ze zich presenteren, geeft een zeker gevoel. Privacy is belangrijk voor ze, maar ze hebben niet altijd door dat ze de privacy van anderen schenden. Niets nieuws onder de zon: Je flirt, je stelt vragen die je offline niet durft te vragen. Vaak gaat het goed, maar grensverkennend gaat soms over in grensoverschrijdend gedrag. Digitale grapjes kunnen totaal verkeerd uitpakken.

Wilt u leerlingen en hun gedrag op sociale media begrijpen, lees dan deze feiten. H oe zorgen we ervoor dat leerlingen leren omgaan met conflicten, diversi- teit en pestgedrag?

Hoe leren wij hen verantwoordelijkheid te nemen voor zichzelf en hun online leefgemeenschap? Dat kan door hen digitaal burgerschap bij te brengen. Door hen te leren respectvol en verantwoord met zichzelf en elkaar om te gaan op internet en sociale media. Digitaal burgerschap hangt nauw samen met sociale veiligheid op school. In een veilige school kunnen leerlingen pas echt leren en zich ontwikkelen tot verantwoorde digitale burgers.

Als leerlingen online respectvol en met oog voor anderen met elkaar omgaan, kan de school ook een veilige en prettige omgeving blijven. Maar hoe krijg je dat als school voor elkaar?

Omgangsvormen Alleen een beleidsplan, een pestprotocol en een les mediawijsheid is niet genoeg, denkt Joyce Kerstens, onderzoeker aan de NHL Hogeschool en promovenda op het onderwerp jeugd en in- ternetveiligheid.

Want de dynamiek van omgangsvormen is veranderd door internet en sociale media. Kinderen zien online letterlijk niet altijd de gevolgen van hun woorden. Voor de één is het een grap, voor de ander voelt het pijnlijk. Maar dat uitspreken is soms moeilijk en als het via een berichtje gaat, leidt het vaak tot een ruzie in de WhatsApp-groep. Werk maken van digitaal burgerschap Wat leerlingen op hun smartphone of laptop doen, onttrekt zich voor een groot deel aan het zicht van volwassenen.

Daarom moeten ze steeds vroeger leren hoe ze verstandig omgaan met internet en sociale media. School en ouders hebben daarin een rol door een veilige omgeving te creëren, waarin jongeren zich prettig voelen, fouten mogen maken en kunnen experimenteren. Ook op digitaal gebied: Zo kan een docent bijvoorbeeld een WhatsApp- groep oprichten voor leerlingen die vragen hebben over de stof. Die app is dan alleen daarvoor bedoeld en mag dus niet worden gebruikt om te roddelen.

Tijdens het gebruik ziet de docent de omgangsnormen van de leerlingen en kan hij desgewenst bijsturen. Een klas kan ook in overleg met de schoolleiding een Twitteraccount voor de school ope- nen. Bedenk met de klas wat je naar buiten wilt brengen en voor wie? Bespreek de tweets van te voren met elkaar. Is de boodschap duidelijk in tekens? Staan er zaken in die mensen anders kunnen opvatten? In de klas kunnen leerlingen hiermee veilig oefenen, zegt Kerstens.

Bijvoorbeeld door hen pest situaties of online ruzies of situaties te laten analyseren. Zonder oordelen, maar met open vragen als: Wat gebeurt hier nu? Waar reageert hij op? Had hij dat ook anders kunnen oplossen? Angst voor sociale media Leraren zijn soms huiverig, omdat ze denken dat ze te weinig weten van sociale media om kinderen iets te kunnen leren.

Of omdat ze het lastig vinden om er voor hen te zijn in moeilijke situatie. Maar om een ruzie tussen kinderen op het schoolplein uit te praten, hoef je er ook niet altijd zelf bij te zijn geweest. Scholen komen vaak pas in actie na de zoveelste online groepsruzie of als er schok- kende filmpjes zijn verspreid.

Het is belangrijk om deze zaken proactief te bespreken. Als leraar kun je een belangrijke rol vervullen door met in leerlingen in gesprek te gaan over wat ze online meemaken. Vooral op de basisschool vinden kinderen het leuk om daarover te vertellen. Door nieuwsberichten te gebruiken om het gesprek op gang te brengen en vooral open vragen te stellen, zoals je die ook zou yo gast, wat doe je.

Het is belangrijk dat je als leraar dan ook jouw mening geeft. Dat geeft leerlingen vertrouwen. Ze voelen dat ze niet de enigen zijn die iets eng of vervelend vinden.

Bovendien ervaren ze dat de leraar weet wat er online kan spelen. Leerlingen kunnen samen nadenken over welke afspraken ze willen maken om het voor ieder- een leuk te houden. Dat maakt het makkelijker elkaar aan te spreken als er iets gebeurt op de groepsapp. En wanneer ze er zelf niet uitko- men, vertellen ze het waarschijnlijk ook sneller aan de leraar.

Voortgezet onderwijs Pubers op de middelbare school zijn lastiger te bereiken, omdat de band met leraren losser wordt, ouders wat meer op de achtergrond raken en de dynamiek onderling heftiger is. Ze roddelen meer over elkaar en vallen elkaar harder af. Sociale veiligheid creëren en digitaal burgerschap aanleren betekent ook dat leraren actief laten merken wat online wel en niet kan op school.

Eventueel in samenwerking met instanties die kunnen uitleggen dat het straf- baar is om een naaktfoto van een minderjarige te verspreiden. Bij de praktische uitwerking van sociale veiligheid en digitaal burgerschap is het van belang om als school na te denken over welke waarden en normen je wilt uitdragen, denkt Bianca van Os, adviseur aan de helpdesk van Stichting School Veiligheid.

Hoe open is de school over ongewenst gedrag op internet? Wat zijn sancties op dat gedrag en hoe voert de school die uit?

Zo iemand kan meedenken over hoe de school het beleid praktisch kan vertalen. Kies iemand die sociale media leuk vindt. De scheidslijn tussen school en privé wordt steeds onduidelijker, daarom moeten scholen in het voortgezet onderwijs ouders actiever bij school betrekken, vindt Van Os.

Een school schreef dat zij er in de lessen aandacht aan besteedde, maar riep ou- ders op het onderwerp thuis ook bespreekbaar te maken. In de brief werd kort uitgelegd hoe de app werkt en de school gaf een voorbeeld van wat kinderen ermee deden. Je kunt als school dus actief aan ouders vragen om mee te werken aan de digitale omgangsvormen. Online veiligheid is een gedeelde verantwoor- delijkheid.

Alleen door leerlingen actief te laten nadenken over wat zij zelf doen op internet en sociale media, kunnen scholen een veilige omgeving vormen en helpen we leerlingen zelfredzaam en respectvolle digitale burgers te kunnen worden. Digitale hoffelijkheid kan leiden tot digitaal burgerschap.

Als je hoffelijk bent, heb je respect, zorg en aandacht voor elkaar en voor andersdenkenden, ben je vriendelijk, attent, beleefd en compli- menteus. Eigenschappen die nodig zijn in het sociale verkeer tussen mensen.

We creëren ruimte voor anderen en werken daardoor prettig samen. Als je hoffelijk bent, wacht je soms even met reage- ren, neem je afstand en bedenk je van tevoren hoe jouw reactie bij de ander kan overkomen. Wat verstaan zij onder hoffelijkheid?

Tot welke punten komen zij die ze belangrijk vinden in de omgang met elkaar? Wat gebeurt er als je niet hoffelijk bent? Pubers op de middelbare school zijn lastiger te bereiken, omdat de band met docenten losser wordt, ouders wat meer op de achtergrond raken en de dynamiek onderling heftiger is. Behandelt anderen online hoffelijk en met respect. Weet zich in anderen in te leven en pest niet. Respecteert online andermans grenzen en eigendommen en vraagt toestemming voor het overnemen van andermans digitale werk.

Maakt een afgewogen keuze over hoe hij of zij met anderen communiceert op digitale media. Gebruikt digitale middelen en toepassingen om bij te leren, en houdt dat bij.

Gaat online verstandig met geld en betaalgegevens om, bijvoorbeeld in games. Staat op sociale media achter onze democratische grondrechten, zoals het recht op vrije meningsuiting etc. Heeft oog voor de privacy van zichzelf en van een ander. Deelt dus geen informatie zoals plaatjes die schadelijk kan zijn en durft iemand in digitale nood te helpen.

Gaat bij mediagebruik verstandig om met zijn of haar gezondheid. H oe kom je erachter of leerlingen elkaar uitsluiten of iemand belachelijk maken?

Hoe leren we leerlingen dat het ook anders kan? Leraren kunnen dit proces sturen. Dat is van belang om voor leer- lingen een veilige omgeving te creëren. Het hoort bij opvoeden tot goed digitaal burgerschap. Een groot probleem is dat de meeste leraren niet zien wat zich afspeelt op de telefoons van de leerlingen, stelt Justine Pardoen, specialist jeugd en media bij Bureau Jeugd Media.

Maar ze kijken ook niet. Terwijl leerlingen het heel gewoon vinden als docenten wel meekijken. Want niets zien betekent geenszins dat alles in orde is. Veel kinderen zitten door de WhatsApp-groepsdruk dag in, dag uit in een onveilige situatie. WhatsApp-groep Volwassenen die vroeger zijn gepest, vinden het achteraf vaak het ergste dat niemand ingreep, zegt Pardoen. Door niets te doen lieten zij een pestcultuur bestaan.

Mentoren doen er daarom goed aan zelf een WhatsApp-groep aan te maken voor de hele klas. Regelmatig plaatsen ze daar berichtjes in. Dat kan zakelijk zijn, maar hoeft niet. Als het maar de hele klas aangaat.

Leraren zien dan beter hoe de communicatie verloopt. Door ter plekke commentaar te geven of iets later in de les te bespreken, kunnen zij op een natuurlijke wijze bijsturen. Maar dat is niet erg. Het effect is dat de leraar laat zien de communicatie van leerlingen serieus te nemen. Zo wordt het makkelijker om hulp te vragen als dat nodig is. Ook het besef dat er iemand meekijkt kan al een rem zetten op grensoverschrijdend gedrag.

Zelfbeeld Sociaal psycholoog Arjan de Wolf vindt uitsluiting ook pesten. Groepsgedrag heeft alles te maken met ons zelfbeeld, legt hij uit. Onze identiteit wordt bepaald door het idee dat we hebben van onszelf als persoon en door de groe- pen waartoe we behoren.

We beoordelen onze eigen groep altijd beter dan andere groepen omdat dit positief afstraalt op ons zelfbeeld. Voor pubers zijn groepen nog belangrijker dan voor volwassenen. Ze zijn vaak onzeker over zichzelf. Doordat hun lichaam en motoriek verandert, halen ze minder bevestiging uit hun persoonlijke zelfbeeld. Groepen waartoe ze be- horen worden dus belangrijker voor een positief zelfbeeld.

Leraren moeten zich daarvan bewust zijn, vindt De Wolf. Omstanders Groepsnormen worden vaak bepaald door een klein aantal leerlingen. De periferie accepteert die normen. Dergelijk groepsgedrag kan uit de hand lopen. Denk maar aan de challenge-spelle- tjes waarbij kinderen zichzelf of elkaar uitdagen De hele klas zit in de WhatsApp-groep, behalve één leerling.

Op iedere school komen zulke incidenten voor. Groepsprocessen zijn veranderd door internet en sociale media. In veel gevallen heeft de leraar geen idee wat er speelt. Het is voor de leraar daarom soms lastig te bepalen hoe hij ermee moeten omgaan. Samen online met gekke opdrachten. Zo deden leerlingen van een basisschool onlangs een wedstrijdje wie het langst deodorant op zijn arm kon spuiten met brandwonden tot gevolg.

Dergelijk groepsgedrag kan ernstige slachtoffers maken. Uit onderzoeken naar het omstanderseffect, waarbij iemand wordt gepest en niemand iets doet, blijkt dat mensen vaak wel iets willen doen maar niet weten wat. Kinderen en tieners den- ken dat ze klikken als ze een leraar op de hoogte stellen of ze zijn bang zelf gepest te worden als ze tegen de groep ingaan.

Vertel leerlingen dus dat het erg dapper is om dat wel te doen, zegt Pardoen. En zorg dat je als leraar ook online bereikbaar bent. Als leerlingen groepsprocessen goed begeleiden, kunnen negatieve gedragsregels worden omge- zet in positieve normen. Dan wordt het stoer om anderen te helpen of om op te komen voor de zwakkeren. Zo kan er een veilige groepscultuur ontstaan waarin leerlingen kunnen leren en tot bloei komen. Zo kan er een veilige groepscultuur ontstaan waarin kinderen kunnen leren en tot bloei komen.

Maar in werkelijkheid vergt ingrijpen nogal wat moed. Met een experiment kun je leerlingen dit laten ervaren. Spreek met één leerling af dat de leraar die leerling in een lesuur flink voor schut zet.

De anderen weten niets van deze afspraak. Wie neemt het ter plekke op voor het slachtoffer? Na afloop kun je dit met de klas bespreken. Dat maakt meer indruk dan een opsomming van wat wel en niet mag. Het is belangrijk om daarover als docent in de klas te praten. Maar hoe doe je dat? Hoe leer je jongeren hun eigen en andermans grenzen te respecteren?

Leefwereld van pubers Verdiep je als docent in de leefwereld van pubers, zegt Ineke van der Vlugt, deskundige seksuele ontwikkeling en opvoeding van de jeugd bij Rutgers WPF. In vrijheid, maar ook onder druk of dwang. Soms is er drank in het spel of zijn jongeren zo verliefd dat ze zwichten voor de ander. Dat is persoonlijk, normaal en spannend, zegt Jacqueline Kleijer van Pretty Woman, dat voorlichting en hulpverle- ning rond relaties en seksualiteit biedt aan meiden van jaar.

Maar experimenteren hoort bij de identiteitsvorming en bij de seksuele ontwikkeling van jongeren. Grenzen ont- dekken doen jongeren soms door ze te overschrijden. In de klas kunnen jongeren bijvoor- beeld oefenen met het verkennen van hun grenzen.

Zo ervaren kinderen hoe je in het echte leven je grenzen aangeeft. Vertaal dit samen met de leerlingen naar online gedrag. Wat zouden die beelden kunnen zeggen over de persoon? Waar ligt voor henzelf de grens en wat is hun mening? Oefen in verschillende situaties. Vaak gebeurt dat binnen intieme of vertrouwde relaties met wederzijdse instemming.

Grenzen stellen Stuur me een foto van jezelf ;- love u Op internet is alles te vinden — én te delen. Zo zijn gruwelijke onthoofdingsfilmpjes massaal gedeeld onder scholieren. Zonder enige context kan het zien van zulke beelden voor leerlingen behoorlijk beangstigend zijn. Maar het is niet zo gemakkelijk om dat toe te geven of te zeggen tegen een docent. Groepsdruk speelt daarbij een belangrijke rol. Actief bespreken In een sociaal veilige school weten leerlingen wat de school wel en niet tolereert.

Dit is vastgelegd in het schoolveilig- heidsplan. De leraar kan actief met de klas bespreken welke beelden kinderen wel of juist niet prettig vinden om naar te kijken. Hoe voelt het om nare beelden ongevraagd op je telefoon te krijgen? Waarom is het moeilijk daar in een groep iets van te zeggen? Sta je er zelf weleens bij stil hoe jouw teksten of beelden bij anderen overkomen? Ouders en leraren hebben niet altijd invloed op wat kinderen te zien krijgen. Dat maakt het gemakkelijker voor kinderen om elkaar aan te spreken of om naar de leraar te gaan als iemand die grens overschrijdt.

Als ze willen kunnen ze het materiaal overal opzoeken. Daarom is het als docent soms beter om te proberen een context aan dergelijke beelden te geven en met leerlingen te praten over wat er gebeurt. Het kan ook zinvol zijn om een vechtfilmpje dat in het nieuws is geweest en waarin een of enkele scholieren worden gemolesteerd in de klas te laten zien en te bespreken.

Dit biedt een kans om te praten over de omstanders en waarom zij niet ingrijpen. Ook de rol van de filmers is belangrijk. En van iedereen die het filmpje doorstuurt of liket. Maakt het verschil of je het slachtoffer kent? Hoe zou je hem of haar kunnen helpen? Het naspelen van nare situaties waarin niemand ingrijpt, kan leerlingen ook inzicht geven.

Zo leren zij zich in te leven en ervaren ze hoe het is om tegen een groep in te gaan. Tweet dagelijks over onderwijs. Daardoor kunnen we elkaar dus ook geen privéberichten - direct messages - sturen. Ik word ook geen vrienden met leerlingen op Facebook. Want ik wil een zakelijke relatie met mijn leerlingen houden, en ik wil niet zien wat ze eventueel over elkaar of mijn collega's zeggen. Er zijn docenten die het anders doen. Die tweeten dat ze een toets gaan nakijken, en dat levert reacties op van leerlingen die willen weten wat hun cijfer is.

Dat is de vrije keuze van die collega's, ik veroordeel dat niet. Maar daar zou ik me zelf niet goed bij voelen. Ik zet die cijfers gewoon in de elektronische leeromgeving, dan ziet iedereen ze op hetzelfde moment. En hoef ik er ook geen contact met leerlingen over te hebben via sociale media. Als je al zo'n contact hebt, als leraar, zou ik adviseren om dat in elk geval open- baar te houden.

Als ik zelf op school met een leerling praat, houd ik bij voorkeur de deur van het lokaal open. Doe dat dan ook digitaal. Wij hebben als school een protocol opgesteld over hoe we op sociale media omgaan met leerlingen. Wat er precies in staat weet ik niet uit mijn hoofd, maar toen ik het destijds las dacht ik: Dus dat zit wel goed.

Mag een leerkracht via Twitter een erotische direct message sturen aan een leerling? In deze voorbeelden is het duidelijk wat wel en niet door de beugel kan. Maar tussen deze uiter- sten ligt een enorm grijs gebied. Mag een leerling een leraar volgen op Twitter? En mag die leraar de leerling dan terugvolgen? En privé-bood- schappen sturen? Is het gepast als een leraar op Facebook vrienden wordt met leerlingen? En als leerlingen sms-jes en WhatsApp-berichten sturen aan de leraar?

Na acht uur 's avonds? Over privéproblemen, die doorspelen in de klas? En daar moet je dus per school afspraken over maken. Organiseer teambijeen- komsten om hier over te praten en samen regels op te stellen. En zo nee, spreken we af om dat voortaan niet te doen?

Of benoemen we uitzonderingen waarbij het toch acceptabel zou zijn? En bovendien is het makke- lijker om elkaar aan te spreken als je ziet dat een collega iets doet dat niet in de afspraken staat. Want op sociale media kom je, zeker 's avonds thuis, snel tot persoonlijk contact. Daardoor wordt de drempel voor leerlingen lager om ook privéproblemen aan de orde te stellen.

Maar wil je als leraar in je weekeinde wel een maatschappelijk werker zijn? En wil je als school wel dat je leraren die rol innemen? Stel jezelf de vraag met welk doel je sociale media inzet. Daar zijn ze meester Bart, die vragen beantwoordt over lesstof. En niet Bart de Vries die zijn vakantiefoto's laat zien. En ook leerkrachten die nieuw binnenkomen zouden het protocol moeten on- dertekenen, zodat iedereen op de hoogte blijft van de afspraken. Dergelijke afspraken geven ook duidelijkheid aan de ouders.

En kun je uitleggen waarom dat zo is afgesproken. En je kunt ook meteen ingrijpen als de docent hier- mee tegen de regels handelt. Want er gaat nog genoeg mis op sociale media, tussen leraren en leerlingen. Met een gezamenlijke visie voorkom Mogen leerlingen en leraren contact hebben via sociale media? Bij wie wordt dat bijvoorbeeld gemeld? Overigens heeft de medezeg- genschapsraad een instemmings- recht bij het vaststellen van een gedragscode of protocol. Dat is een goede aanleiding om binnen de MR aandacht te besteden aan sociale veiligheid en sociale media op uw school.

Het gaat hierbij om een opzettelijke intentie van de dader s om het slachtoffer te schaden, voor gek te zetten enzovoort. Cyberpesten staat niet als zodanig in het strafrecht, maar het kan wel geschaard worden onder belediging, smaad of laster, discriminatie, bedreiging, stalking of identi- teitsfraude. En dat is allemaal wel strafbaar. Wel kun- nen zij als het echt uit de hand is gelopen verplicht begeleid worden door Bureau Jeugdzorg.

Jongeren tussen de 12 en 18 jaar die een strafbaar feit plegen, kunnen worden gestraft volgens het jeugdstrafrecht. Maar vóór alles is het zaak om dit als school zoveel mogelijk te voorkomen. Het is natuurlijk niet de bedoeling om elke leerling of leraar die zich online mis- draagt ogenblikkelijk naar de gevangenis te sturen. Wel kan de school met enige juri- dische kennis beter bepalen wat wel of niet toelaatbaar is en zo een concreet beleid opstellen.

En bij signalen van online misdragingen een betere inschatting maken van de ernst van de situatie. Wat zijn de juridische kaders? In het geval van smaad of laster moet dit dan wel publiekelijk gebeuren. Als het plaatsvindt door middel van een privé-bericht is daarvan geen sprake, omdat alleen de ontvanger dat leest.

Er is sprake van cyberstal- king als het slachtoffer voortdurend wordt lastiggevallen via internet. De dader stuurt dan bijvoorbeeld telkens vervelende mails of weet iedere keer weer het nieuwe socialemedia- account van het slachtoffer te achterhalen en valt hem daar lastig. De straf op stalking varieert van een taakstraf tot een gevangenis- straf van maximaal 3 jaar. Dit heeft de laatste jaren veel in de belangstelling gestaan onder meer door de zaak-Freek, zie www.

Iemand die nu een nepprofiel aanmaakt en de identiteit van iemand anders aanneemt, is alleen daarvoor al strafbaar. Dus onafhanke- lijk van wat hij dan verder met dat account doet. In het ergste geval kan de dader hiervoor vijf jaar cel krijgen. Er zijn ook in Nederland echter wel grenzen aan die vrijheid. Bijvoorbeeld in het geval van dreigtweets. Dat kan leiden tot een aanteke- ning op zijn strafblad en twee jaar gevange- nisstraf of een hoge geldboete. Maar ook als leerlingen óf medewerkers nare berichten over de school verspreiden mag de school natuurlijk ingrijpen.

Het komt immers de sociale veiligheid op de school niet ten goede. Het gaat dan om zware dreigementen om het slachtoffer iets aan te doen, wat door het slachtoffer serieus wordt opgevat.

De hoogte van de straf is afhankelijk van de ernst van de situatie. De maximumstraf is twee jaar gevangenisstraf of een geldboete van maximaal Het kan misbruikt worden door pedofielen of door cyberpesters.

Voor- zichtigheid is dus geboden. Jongeren van 16 jaar of ouder moeten zelf toestemming geven of weigeren. Maar ook al hebben ouders of jongeren ingestemd, dan nog moet de school re- kening houden met het portretrecht. Hiermee kan de geportretteerde bezwaar maken tegen publicatie als hij vindt dat zijn privacy daardoor wordt geschon- den, of dat de foto hem belachelijk maakt of zo kan worden gezien. Inbreuk op het portretrecht is een overtreding en kan worden bestraft met een geldboete van maximaal Los hiervan heeft de school de verplichting om de privacy van haar leerlingen online te beschermen, bijvoorbeeld om de gegevens af te schermen van onbe- voegden en zoekmachines.

De dader kan een geldboete of zes maanden cel krijgen. Als een minderjarige leerling in een seksuele context op beeld wordt vastgelegd, is de maker van de foto of het filmpje in principe voor de wet strafbaar voor het produceren van kinderporno.

Ook als het is gemaakt door de jongere zelf. In de praktijk echter zal de rechtspraak rekening houden met pubergedrag en terughoudend zijn om jongeren voor een zedendelict te veroordelen. Worden de seksueel getinte beelden of berichten vrijwillig tussen twee jongeren uitgewisseld, dan is er natuurlijk niets aan de hand. Wél als ze daarna worden doorgestuurd naar anderen, worden gebruikt om te pesten of om iemand te chanteren.

Tussen leerkrachten en leerlingen Sexting tussen onderwijzend personeel en leerlingen is uiteraard uit den boze.

Vaak begint het met onschuldige berichtjes, die uiteindelijk leiden tot seksueel contact. Bespreek dus met het team wat professioneel online gedrag is en waar de grens ligt, ook met betrekking tot de socialemediaprofielen.

Zorg dat deze grenzen bij het personeel bekend zijn, en dat de afspraken daarover worden vastgelegd. Bijvoorbeeld in een privacy-protocol of gedragscode. Het is computervrede- breuk. Het kan leiden tot een geldboete van maximaal Hacken kan op diverse wijzen plaatsvinden. Naast het inbreken in iemands computer, kunnen ook aanpassingen aan het computer- systeem hieronder vallen. Mogelijk hacken leerlingen als hobby en willen ze kijken hoe ver ze kunnen komen.

Of ze willen laten zien dat het met de beveiliging van het systeem slecht is gesteld. Hacken hoeft dus niet per definitie met een slechte intentie of gevolg te zijn. Het raden, achterhalen en vervolgens gebrui- ken van wachtwoorden is dan wel strafbaar, maar wordt de leerlingen soms ook wel erg makkelijk gemaakt.

Het is dus belangrijk dat de school zelf hier voorzichtig mee omgaat. Het kan daarbij zelfs gaan om gevoelige informatie, zoals medische gegevens. De zorg voor die data is toevertrouwd aan uw school. De leerlingen, hun ouders en medewerkers vertrouwen erop dat uw school zorgvuldig met hun persoonsgegevens omgaat. Uw school heeft een verantwoordelijkheid in het bewaken van hun privacy.

Deze tips van Kennisnet-jurist Job Vos helpen u daarbij. U bepaalt welke gegevens er van en over leerlingen en medewerkers worden vastgelegd in de verschillende adminis- tratie systemen.

Er niet meer gegevens worden vastge- legd dan strikt noodzakelijk is. Informa- tie die niet gebruikt wordt op school, levert alleen maar een extra risico op in geval van bijvoorbeeld een datalek. Gegevens in de schoolomgeving blijven: De toegang tot administratiesystemen beperkt wordt tot alleen die personen en medewerkers die functioneel toe- gang moeten hebben tot de persoons- gegevens. De opgeslagen persoonsgegevens beveiligd zijn tegen verlies, beschadi- ging of onbevoegde toegang.

Maar ook over de grens tussen werk en privé. Zorg dat deze gedrags- code wordt besproken en vastgesteld door de medezeggenschapsraad MR. Wees zorgvuldig en laat u niet weerhouden door de angst voor privacy-schending. Wat op het schoolplein gebeurt, gaat tenslotte op sociale media verder.

U moet specifieke toestemming vragen. Reageer openbaar en neem eventueel contact op voor een persoonlijk gesprek. Leg uit waarom het belangrijk is dat kinderen daarin worden onderwezen, benadruk de grote aantrekkingskracht van media op kinderen en daarmee de kansen voor het onderwijs, en leg uit wat uw school doet om de privacy van leerlingen te waarborgen.

Wat is leuk en wat is niet meer leuk? Waar ligt de grens? Hoe houdt iedereen re- kening met elkaars privésfeer? Besteed door alle lessen heen aandacht aan mediawijsheid. Privacy-tips voor scholen Bij sociale veiligheid is ook privacy een belangrijk aandachtspunt. Uw school heeft een verantwoordelijkheid in het bewaken van de privacy van leerlingen en medewerkers.

Deze tips helpen om de privacy te waarborgen. Afhankelijk van de ernst van de situatie:

.






Roodharige kutjes thuisontvangst goes

  • 17
  • Video sex a neuken op het aanrecht
  • Natuurlijke sex pjes nl

Oude lesbo sex advertenties overijssel


Goedkope escort service een potje neuken


Zijn stijve lul word gepijpt door de geile spaanse werkster en neukt haar grote borsten waarna ze hem aftrekt tot hij klaar komt op haar mond. Met de parelsnoer in de kale kut masturbeert ze. Met de parelsnoer in de kale kut masturbeert de blondine tot ze een orgasme krijgt. Geil kijkend in de camera pijpt ze de stijve lul zuigt ze zijn kale ballen en trekt hem af. Op vakantie haar kut en anus met een condoom om neuken. Op vakantie neukt hij met een condoom om de kale kut en krappe anus van zijn vrouw hard en diep.

De donkere en witte lesbische meiden beffen en vingere elkaars natte kut. De donkere en witte lesbische meiden beffen en vingeren elkaars natte kut tot een orgasme. De anus en vagina van de milf afwisselend neuken. Gepijpt en afgetrokken worden, de anus en vagina afwisselend neuken en haar gezicht vol sperma spuiten.

Met alleen nog haar hoge hakken aan word ze hard geneukt. Met alleen haar hoge hakken aan, pijpt ze de stijve lul die haar keel en kut vervolgens hard en diep neukt. Door zijn gulp pijpt en word haar keel geneukt. Door zijn gulp pijpt en word haar keel geneukt, vervolgens likt hij de kale kut en neukt haar in meerdere standjes tot hij haar gezicht vol zaad spuit.

Deze nymfomane slet pijpt de oudere man en word door hem geneukt. Deze blonde nymfomane, pijpt de stijve lul van de oudere man en word door hem anal en vaginaal geneukt tot hij klaar komt en zijn zaad op haar mond spuit. Terwijl zij vast zit neukt hij haar.

Ze toetsen zich aan elkaar Sociale netwerksites zijn een uitstekende manier om on- gegeneerd bij anderen naar binnen te kijken. Voor jongeren is het belangrijk om zichzelf te vergelijken met anderen. Hoe zien anderen eruit? Wat hebben ze aan? Welke muziek vinden ze goed? Wat zeggen hun voorkeuren over mijn eigen identiteit, hoe verhoud ik me tot hen?

Hoe anderen over je denken, kun je beïnvloeden. Jongeren besteden daarom veel aandacht aan hun online profiel. Het gaat om de beste foto, de leukste teksten, het juiste filmpje en de coolste muziek. Dat ze zelf controle hebben over hoe ze zich presenteren, geeft een zeker gevoel. Privacy is belangrijk voor ze, maar ze hebben niet altijd door dat ze de privacy van anderen schenden.

Niets nieuws onder de zon: Je flirt, je stelt vragen die je offline niet durft te vragen. Vaak gaat het goed, maar grensverkennend gaat soms over in grensoverschrijdend gedrag. Digitale grapjes kunnen totaal verkeerd uitpakken. Wilt u leerlingen en hun gedrag op sociale media begrijpen, lees dan deze feiten.

H oe zorgen we ervoor dat leerlingen leren omgaan met conflicten, diversi- teit en pestgedrag? Hoe leren wij hen verantwoordelijkheid te nemen voor zichzelf en hun online leefgemeenschap? Dat kan door hen digitaal burgerschap bij te brengen. Door hen te leren respectvol en verantwoord met zichzelf en elkaar om te gaan op internet en sociale media. Digitaal burgerschap hangt nauw samen met sociale veiligheid op school. In een veilige school kunnen leerlingen pas echt leren en zich ontwikkelen tot verantwoorde digitale burgers.

Als leerlingen online respectvol en met oog voor anderen met elkaar omgaan, kan de school ook een veilige en prettige omgeving blijven. Maar hoe krijg je dat als school voor elkaar? Omgangsvormen Alleen een beleidsplan, een pestprotocol en een les mediawijsheid is niet genoeg, denkt Joyce Kerstens, onderzoeker aan de NHL Hogeschool en promovenda op het onderwerp jeugd en in- ternetveiligheid. Want de dynamiek van omgangsvormen is veranderd door internet en sociale media.

Kinderen zien online letterlijk niet altijd de gevolgen van hun woorden. Voor de één is het een grap, voor de ander voelt het pijnlijk. Maar dat uitspreken is soms moeilijk en als het via een berichtje gaat, leidt het vaak tot een ruzie in de WhatsApp-groep. Werk maken van digitaal burgerschap Wat leerlingen op hun smartphone of laptop doen, onttrekt zich voor een groot deel aan het zicht van volwassenen. Daarom moeten ze steeds vroeger leren hoe ze verstandig omgaan met internet en sociale media.

School en ouders hebben daarin een rol door een veilige omgeving te creëren, waarin jongeren zich prettig voelen, fouten mogen maken en kunnen experimenteren.

Ook op digitaal gebied: Zo kan een docent bijvoorbeeld een WhatsApp- groep oprichten voor leerlingen die vragen hebben over de stof. Die app is dan alleen daarvoor bedoeld en mag dus niet worden gebruikt om te roddelen. Tijdens het gebruik ziet de docent de omgangsnormen van de leerlingen en kan hij desgewenst bijsturen.

Een klas kan ook in overleg met de schoolleiding een Twitteraccount voor de school ope- nen. Bedenk met de klas wat je naar buiten wilt brengen en voor wie? Bespreek de tweets van te voren met elkaar. Is de boodschap duidelijk in tekens? Staan er zaken in die mensen anders kunnen opvatten? In de klas kunnen leerlingen hiermee veilig oefenen, zegt Kerstens. Bijvoorbeeld door hen pest situaties of online ruzies of situaties te laten analyseren.

Zonder oordelen, maar met open vragen als: Wat gebeurt hier nu? Waar reageert hij op? Had hij dat ook anders kunnen oplossen? Angst voor sociale media Leraren zijn soms huiverig, omdat ze denken dat ze te weinig weten van sociale media om kinderen iets te kunnen leren. Of omdat ze het lastig vinden om er voor hen te zijn in moeilijke situatie. Maar om een ruzie tussen kinderen op het schoolplein uit te praten, hoef je er ook niet altijd zelf bij te zijn geweest.

Scholen komen vaak pas in actie na de zoveelste online groepsruzie of als er schok- kende filmpjes zijn verspreid.

Het is belangrijk om deze zaken proactief te bespreken. Als leraar kun je een belangrijke rol vervullen door met in leerlingen in gesprek te gaan over wat ze online meemaken. Vooral op de basisschool vinden kinderen het leuk om daarover te vertellen.

Door nieuwsberichten te gebruiken om het gesprek op gang te brengen en vooral open vragen te stellen, zoals je die ook zou yo gast, wat doe je.

Het is belangrijk dat je als leraar dan ook jouw mening geeft. Dat geeft leerlingen vertrouwen. Ze voelen dat ze niet de enigen zijn die iets eng of vervelend vinden.

Bovendien ervaren ze dat de leraar weet wat er online kan spelen. Leerlingen kunnen samen nadenken over welke afspraken ze willen maken om het voor ieder- een leuk te houden. Dat maakt het makkelijker elkaar aan te spreken als er iets gebeurt op de groepsapp. En wanneer ze er zelf niet uitko- men, vertellen ze het waarschijnlijk ook sneller aan de leraar.

Voortgezet onderwijs Pubers op de middelbare school zijn lastiger te bereiken, omdat de band met leraren losser wordt, ouders wat meer op de achtergrond raken en de dynamiek onderling heftiger is. Ze roddelen meer over elkaar en vallen elkaar harder af. Sociale veiligheid creëren en digitaal burgerschap aanleren betekent ook dat leraren actief laten merken wat online wel en niet kan op school.

Eventueel in samenwerking met instanties die kunnen uitleggen dat het straf- baar is om een naaktfoto van een minderjarige te verspreiden. Bij de praktische uitwerking van sociale veiligheid en digitaal burgerschap is het van belang om als school na te denken over welke waarden en normen je wilt uitdragen, denkt Bianca van Os, adviseur aan de helpdesk van Stichting School Veiligheid.

Hoe open is de school over ongewenst gedrag op internet? Wat zijn sancties op dat gedrag en hoe voert de school die uit? Zo iemand kan meedenken over hoe de school het beleid praktisch kan vertalen. Kies iemand die sociale media leuk vindt.

De scheidslijn tussen school en privé wordt steeds onduidelijker, daarom moeten scholen in het voortgezet onderwijs ouders actiever bij school betrekken, vindt Van Os. Een school schreef dat zij er in de lessen aandacht aan besteedde, maar riep ou- ders op het onderwerp thuis ook bespreekbaar te maken.

In de brief werd kort uitgelegd hoe de app werkt en de school gaf een voorbeeld van wat kinderen ermee deden. Je kunt als school dus actief aan ouders vragen om mee te werken aan de digitale omgangsvormen. Online veiligheid is een gedeelde verantwoor- delijkheid. Alleen door leerlingen actief te laten nadenken over wat zij zelf doen op internet en sociale media, kunnen scholen een veilige omgeving vormen en helpen we leerlingen zelfredzaam en respectvolle digitale burgers te kunnen worden.

Digitale hoffelijkheid kan leiden tot digitaal burgerschap. Als je hoffelijk bent, heb je respect, zorg en aandacht voor elkaar en voor andersdenkenden, ben je vriendelijk, attent, beleefd en compli- menteus. Eigenschappen die nodig zijn in het sociale verkeer tussen mensen.

We creëren ruimte voor anderen en werken daardoor prettig samen. Als je hoffelijk bent, wacht je soms even met reage- ren, neem je afstand en bedenk je van tevoren hoe jouw reactie bij de ander kan overkomen. Wat verstaan zij onder hoffelijkheid? Tot welke punten komen zij die ze belangrijk vinden in de omgang met elkaar? Wat gebeurt er als je niet hoffelijk bent? Pubers op de middelbare school zijn lastiger te bereiken, omdat de band met docenten losser wordt, ouders wat meer op de achtergrond raken en de dynamiek onderling heftiger is.

Behandelt anderen online hoffelijk en met respect. Weet zich in anderen in te leven en pest niet. Respecteert online andermans grenzen en eigendommen en vraagt toestemming voor het overnemen van andermans digitale werk. Maakt een afgewogen keuze over hoe hij of zij met anderen communiceert op digitale media. Gebruikt digitale middelen en toepassingen om bij te leren, en houdt dat bij. Gaat online verstandig met geld en betaalgegevens om, bijvoorbeeld in games.

Staat op sociale media achter onze democratische grondrechten, zoals het recht op vrije meningsuiting etc. Heeft oog voor de privacy van zichzelf en van een ander.

Deelt dus geen informatie zoals plaatjes die schadelijk kan zijn en durft iemand in digitale nood te helpen. Gaat bij mediagebruik verstandig om met zijn of haar gezondheid. H oe kom je erachter of leerlingen elkaar uitsluiten of iemand belachelijk maken? Hoe leren we leerlingen dat het ook anders kan?

Leraren kunnen dit proces sturen. Dat is van belang om voor leer- lingen een veilige omgeving te creëren. Het hoort bij opvoeden tot goed digitaal burgerschap.

Een groot probleem is dat de meeste leraren niet zien wat zich afspeelt op de telefoons van de leerlingen, stelt Justine Pardoen, specialist jeugd en media bij Bureau Jeugd Media. Maar ze kijken ook niet. Terwijl leerlingen het heel gewoon vinden als docenten wel meekijken. Want niets zien betekent geenszins dat alles in orde is. Veel kinderen zitten door de WhatsApp-groepsdruk dag in, dag uit in een onveilige situatie. WhatsApp-groep Volwassenen die vroeger zijn gepest, vinden het achteraf vaak het ergste dat niemand ingreep, zegt Pardoen.

Door niets te doen lieten zij een pestcultuur bestaan. Mentoren doen er daarom goed aan zelf een WhatsApp-groep aan te maken voor de hele klas.

Regelmatig plaatsen ze daar berichtjes in. Dat kan zakelijk zijn, maar hoeft niet. Als het maar de hele klas aangaat. Leraren zien dan beter hoe de communicatie verloopt. Door ter plekke commentaar te geven of iets later in de les te bespreken, kunnen zij op een natuurlijke wijze bijsturen.

Maar dat is niet erg. Het effect is dat de leraar laat zien de communicatie van leerlingen serieus te nemen. Zo wordt het makkelijker om hulp te vragen als dat nodig is. Ook het besef dat er iemand meekijkt kan al een rem zetten op grensoverschrijdend gedrag.

Zelfbeeld Sociaal psycholoog Arjan de Wolf vindt uitsluiting ook pesten. Groepsgedrag heeft alles te maken met ons zelfbeeld, legt hij uit. Onze identiteit wordt bepaald door het idee dat we hebben van onszelf als persoon en door de groe- pen waartoe we behoren. We beoordelen onze eigen groep altijd beter dan andere groepen omdat dit positief afstraalt op ons zelfbeeld. Voor pubers zijn groepen nog belangrijker dan voor volwassenen. Ze zijn vaak onzeker over zichzelf. Doordat hun lichaam en motoriek verandert, halen ze minder bevestiging uit hun persoonlijke zelfbeeld.

Groepen waartoe ze be- horen worden dus belangrijker voor een positief zelfbeeld. Leraren moeten zich daarvan bewust zijn, vindt De Wolf. Omstanders Groepsnormen worden vaak bepaald door een klein aantal leerlingen.

De periferie accepteert die normen. Dergelijk groepsgedrag kan uit de hand lopen. Denk maar aan de challenge-spelle- tjes waarbij kinderen zichzelf of elkaar uitdagen De hele klas zit in de WhatsApp-groep, behalve één leerling. Op iedere school komen zulke incidenten voor. Groepsprocessen zijn veranderd door internet en sociale media. In veel gevallen heeft de leraar geen idee wat er speelt. Het is voor de leraar daarom soms lastig te bepalen hoe hij ermee moeten omgaan.

Samen online met gekke opdrachten. Zo deden leerlingen van een basisschool onlangs een wedstrijdje wie het langst deodorant op zijn arm kon spuiten met brandwonden tot gevolg. Dergelijk groepsgedrag kan ernstige slachtoffers maken. Uit onderzoeken naar het omstanderseffect, waarbij iemand wordt gepest en niemand iets doet, blijkt dat mensen vaak wel iets willen doen maar niet weten wat.

Kinderen en tieners den- ken dat ze klikken als ze een leraar op de hoogte stellen of ze zijn bang zelf gepest te worden als ze tegen de groep ingaan. Vertel leerlingen dus dat het erg dapper is om dat wel te doen, zegt Pardoen. En zorg dat je als leraar ook online bereikbaar bent.

Als leerlingen groepsprocessen goed begeleiden, kunnen negatieve gedragsregels worden omge- zet in positieve normen. Dan wordt het stoer om anderen te helpen of om op te komen voor de zwakkeren. Zo kan er een veilige groepscultuur ontstaan waarin leerlingen kunnen leren en tot bloei komen.

Zo kan er een veilige groepscultuur ontstaan waarin kinderen kunnen leren en tot bloei komen. Maar in werkelijkheid vergt ingrijpen nogal wat moed. Met een experiment kun je leerlingen dit laten ervaren. Spreek met één leerling af dat de leraar die leerling in een lesuur flink voor schut zet. De anderen weten niets van deze afspraak. Wie neemt het ter plekke op voor het slachtoffer?

Na afloop kun je dit met de klas bespreken. Dat maakt meer indruk dan een opsomming van wat wel en niet mag. Het is belangrijk om daarover als docent in de klas te praten.

Maar hoe doe je dat? Hoe leer je jongeren hun eigen en andermans grenzen te respecteren? Leefwereld van pubers Verdiep je als docent in de leefwereld van pubers, zegt Ineke van der Vlugt, deskundige seksuele ontwikkeling en opvoeding van de jeugd bij Rutgers WPF.

In vrijheid, maar ook onder druk of dwang. Soms is er drank in het spel of zijn jongeren zo verliefd dat ze zwichten voor de ander. Dat is persoonlijk, normaal en spannend, zegt Jacqueline Kleijer van Pretty Woman, dat voorlichting en hulpverle- ning rond relaties en seksualiteit biedt aan meiden van jaar. Maar experimenteren hoort bij de identiteitsvorming en bij de seksuele ontwikkeling van jongeren. Grenzen ont- dekken doen jongeren soms door ze te overschrijden.

In de klas kunnen jongeren bijvoor- beeld oefenen met het verkennen van hun grenzen. Zo ervaren kinderen hoe je in het echte leven je grenzen aangeeft. Vertaal dit samen met de leerlingen naar online gedrag. Wat zouden die beelden kunnen zeggen over de persoon? Waar ligt voor henzelf de grens en wat is hun mening? Oefen in verschillende situaties. Vaak gebeurt dat binnen intieme of vertrouwde relaties met wederzijdse instemming. Grenzen stellen Stuur me een foto van jezelf ;- love u Op internet is alles te vinden — én te delen.

Zo zijn gruwelijke onthoofdingsfilmpjes massaal gedeeld onder scholieren. Zonder enige context kan het zien van zulke beelden voor leerlingen behoorlijk beangstigend zijn. Maar het is niet zo gemakkelijk om dat toe te geven of te zeggen tegen een docent. Groepsdruk speelt daarbij een belangrijke rol. Actief bespreken In een sociaal veilige school weten leerlingen wat de school wel en niet tolereert. Dit is vastgelegd in het schoolveilig- heidsplan.

De leraar kan actief met de klas bespreken welke beelden kinderen wel of juist niet prettig vinden om naar te kijken. Hoe voelt het om nare beelden ongevraagd op je telefoon te krijgen? Waarom is het moeilijk daar in een groep iets van te zeggen? Sta je er zelf weleens bij stil hoe jouw teksten of beelden bij anderen overkomen? Ouders en leraren hebben niet altijd invloed op wat kinderen te zien krijgen. Dat maakt het gemakkelijker voor kinderen om elkaar aan te spreken of om naar de leraar te gaan als iemand die grens overschrijdt.

Als ze willen kunnen ze het materiaal overal opzoeken. Daarom is het als docent soms beter om te proberen een context aan dergelijke beelden te geven en met leerlingen te praten over wat er gebeurt. Het kan ook zinvol zijn om een vechtfilmpje dat in het nieuws is geweest en waarin een of enkele scholieren worden gemolesteerd in de klas te laten zien en te bespreken.

Dit biedt een kans om te praten over de omstanders en waarom zij niet ingrijpen. Ook de rol van de filmers is belangrijk. En van iedereen die het filmpje doorstuurt of liket. Maakt het verschil of je het slachtoffer kent? Hoe zou je hem of haar kunnen helpen? Het naspelen van nare situaties waarin niemand ingrijpt, kan leerlingen ook inzicht geven.

Zo leren zij zich in te leven en ervaren ze hoe het is om tegen een groep in te gaan. Tweet dagelijks over onderwijs. Daardoor kunnen we elkaar dus ook geen privéberichten - direct messages - sturen. Ik word ook geen vrienden met leerlingen op Facebook. Want ik wil een zakelijke relatie met mijn leerlingen houden, en ik wil niet zien wat ze eventueel over elkaar of mijn collega's zeggen.

Er zijn docenten die het anders doen. Die tweeten dat ze een toets gaan nakijken, en dat levert reacties op van leerlingen die willen weten wat hun cijfer is. Dat is de vrije keuze van die collega's, ik veroordeel dat niet. Maar daar zou ik me zelf niet goed bij voelen. Ik zet die cijfers gewoon in de elektronische leeromgeving, dan ziet iedereen ze op hetzelfde moment.

En hoef ik er ook geen contact met leerlingen over te hebben via sociale media. Als je al zo'n contact hebt, als leraar, zou ik adviseren om dat in elk geval open- baar te houden. Als ik zelf op school met een leerling praat, houd ik bij voorkeur de deur van het lokaal open.

Doe dat dan ook digitaal. Wij hebben als school een protocol opgesteld over hoe we op sociale media omgaan met leerlingen. Wat er precies in staat weet ik niet uit mijn hoofd, maar toen ik het destijds las dacht ik: Dus dat zit wel goed.

Mag een leerkracht via Twitter een erotische direct message sturen aan een leerling? In deze voorbeelden is het duidelijk wat wel en niet door de beugel kan. Maar tussen deze uiter- sten ligt een enorm grijs gebied. Mag een leerling een leraar volgen op Twitter? En mag die leraar de leerling dan terugvolgen? En privé-bood- schappen sturen? Is het gepast als een leraar op Facebook vrienden wordt met leerlingen?

En als leerlingen sms-jes en WhatsApp-berichten sturen aan de leraar? Na acht uur 's avonds? Over privéproblemen, die doorspelen in de klas? En daar moet je dus per school afspraken over maken.

In sexy lingerie trekt deze oudere dame de stijve lul van De kale kut nat maken en vervolgens masturberen tot een o Sexy halfbloedje vingert haar natte poesje. Dikke tieten sexy lingerie en masturberen tot een orgasme. De klant kijk toe hoe de Aziatische hoer masturbeert. Stralen zaad spatten op haar gezicht uit de grote lul.

Na de striptease vingert ze en masturbeert met de vibrato Met de tieten spelen en de kale kut masturberen tot een o Ze showt haar grote natuurlijke borsten en masturbeert ha Exotische schoonheid zorgt voor haar eigen orgasme.

Sexy lingerie kleine tietjes harde tepels en masturberen Haar natte kut vingerend krijgt ze een orgasme en likt ha Sexy Asian babe speelt met haar geile poesje. Masturberend met de sex toy pijpt ze zijn stijve lul. Met alleen nog haar net kousen aan masturbeert ze. Ja hoor na de dildo nat te hebben gemaakt stopt ze hem in Met snelle bewegingen masturbeert ze de kale natte kut to Deze rondborstige meid likt de tepels en masturbeert tot Afwisselend stopt het meisje de vibrator in haar mond en Oma zuigt haar tenen en vingert de oude kut tot ze klaar Ze maakt haar vinger nat en masturbeert haar kale kut tot Met de beentjes wijd masturbeert het meisje haar kale kutje.